Strandjutten

Het project strandjutten gaat over een eeuwenoude traditie langs kuststreken: strandjutten. Strandjutten is het zoeken op het strand van aangespoelde spullen. Een bezoek aan dit Juttersmu-ZEE-um maakt uiteraard deel uit van het project. In het museum maken de leerlingen kennis met de verhalen achter de voorwerpen en kunnen ze zelf op het strand jutten.

Het jutten is ontstaan uit pure armoede. Mensen zochten op het strand naar spullen die ze konden gebruiken. Wrakhout ging in de kachel of er werden schuren van gebouwd. Soms legde men zelfs een vuur aan op het strand om de schepen te misleiden en ze naar de kust te lokken om zo de lading te bemachtigen.
Tegenwoordig wordt er nog steeds gejut, hoewel dit eigenlijk verboden is. Strandjutten is illegaal in Nederland. Alles wat men vindt moet men naar de politie brengen of naar een strandvonder. De hoofdstrandvonder, vaak de burgemeester, en de hulpstrandvonders waken over het strand.
Wanneer er spullen aanspoelen begint er vaak een spannende race tussen de strandvonders en de jutters. De waardevolle spullen die de jutters vinden, worden verstopt in de duinen. Later worden ze op een rustig moment weer opgehaald. Tegenwoordig is jutten een hobby.
Zandvoort heeft zelf een Juttsersmu-ZEE-um. Daarin is van alles te vinden dat ooit is gevonden op het strand. Van flessenpost tot reddingsboeien, van schelpen tot zelfs koeienskeletten. Op het eerste gezicht lijken veel vondsten op ‘troep’, maar direct daarna begint het fantaseren, want jutten spreekt tot de verbeelding: wat is dit eigenlijk, van wie is het geweest, waar is het gevonden, hoe is het kwijt geraakt?